Alles over de tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor behoud van Werkgelegenheid (NOW)

0 Flares 0 Flares ×

1 April 2020
De uitbraak van het corona virus heeft geleid tot een explosieve stijging van het aantal aanvragen om werktijdverkorting voor het personeel. Op dit grote aantal aanvragen was de regeling niet berekend. Daarom heeft het kabinet de nieuwe tegemoetkomingsregeling voor loonkosten van werkgevers (NOW) tot stand gebracht die is vastgelegd in een ministeriële regeling. In verband hiermee is de Regeling Werktijdverkorting per 17 maart 2020 beëindigd.

1. Doel van de NOW

De NOW subsidie heeft als doel om werkgevers in deze moeilijke tijd bij een omzetdaling via een subsidie te ondersteunen bij het zoveel mogelijk in dienst houden van hun werknemers. De NOW ondersteunt werkgevers die geconfronteerd worden met een omzetdaling van tenminste 20% over een aaneengesloten periode van drie maanden.

De ondersteuning is een subsidie voor de loonkosten van de werknemers die in dienst zijn bij een werkgever en die verplicht verzekerd zijn voor de werknemersverzekeringen. De NOW is ook van toepassing op de loonkosten voor werknemers die werkzaam zijn op basis van een nulurencontract. Loon van niet-verzekerde DGA’s valt niet onder de NOW.

De hoogte van de subsidie is afhankelijk van de terugval in omzet, maximaal 90% van de loonsom over de periode van maart tot en met mei 2020. Hieronder enkele voorbeelden waarin de relatie tussen omzetdaling en hoogte van de subsidie is uitgewerkt:

  • Indien 100% van de omzet wegvalt, bedraagt de subsidie 90% van de loonsom van een werkgever.
  • Indien 50% van de omzet wegvalt, bedraagt de subsidie 45% van de loonsom van een werkgever.
  • Indien 25% van de omzet wegvalt, bedraagt de subsidie 22,5% van de loonsom van de werkgever.

De NOW is uiteindelijk een redelijk complexe regeling geworden en de voorbereiding van een aanvraag zal de nodige tijd kosten.

2.  “Loonsom”

Het subsidiebedrag is gebaseerd op de loonsom. De vraag rijst wat onder “loonsom” moet worden verstaan. Vanwege de noodsituatie en de snelheid waarmee de regeling moet worden uitgevoerd, wordt gewerkt met een voorschotbetaling. Bij de berekening van de voorschotbetaling zal in beginsel worden uitgegaan van de loonsom over de maand januari 2020. De “loonsom” is het sociale verzekeringsloon van alle werknemers per loonheffingsnummer (of entiteit). Onder de loonsom valt niet een betaalde transitievergoeding. Een bonus en loondoorbetaling bij ziekte behoren wel tot de loonsom. In verband met aanvullende kosten en lasten zoals werkgeverspremies en werknemersbijdragen aan pensioen en vakantiebijslag wordt dit sociale verzekeringsloon verhoogd met een forfaitaire opslag van 30%.

Per werknemer wordt maximaal twee keer het maximum dagloon per maand in aanmerking genomen. Hierdoor komt loon boven € 9.538 per maand niet voor subsidie in aanmerking.

Als er over januari 2020 geen loongegevens zijn dan gaat UWV uit van de gegevens van november 2019.

3. “Omzetdaling”

Voor de meeste werkgevers geldt dat de omzetdaling op het niveau van de onderneming zal worden vastgesteld. Als de werkgever echter deel uitmaakt van een groep dan wordt uitgegaan van de omzetdaling op concernniveau. Voor de bepaling van de omzetdaling wordt uitgegaan van de concernonderdelen waaruit het concern op 1 maart 2020 bestond.

De omzetdaling van minimaal 20% moet zich voordoen over een driemaandsperiode waarvan de startdatum valt op de eerste dag van de maanden maart, april of mei 2020. Werkgevers kunnen kiezen of zij de omzetdaling berekenen over de meetperiode startend op 1 maart, 1 april of 1 mei 2020. De omzet in deze meetperiode wordt vergeleken met de omzet over het jaar 2019, gedeeld door vier. Met het begrip “omzet” in de NOW wordt de netto-omzet bedoeld. Als een werkgever op 1 januari 2019 nog niet bestond dan geldt een afwijkende omzetbepaling. De subsidie voor de loonkosten blijft, ongeacht de meetperiode, betrekking hebben op de periode van maart tot en met mei 2020.

Het UWV kan de aanvraag voor de subsidie weigeren als niet of onvoldoende aannemelijk is dat de omzetdaling van de werkgever tenminste 20% zal zijn.

4. Verplichtingen van de werkgever

Werkgever heeft volgens de NOW regeling onder andere de volgende verplichtingen:

a. Inspanningsverplichting om de loonsom gelijk te houden.

Om in aanmerking te komen voor de subsidie dient de werkgever zich in te spannen om de loonsom gelijk te houden en werknemers door te betalen. Het voorschot dat in het kader van de NOW wordt verstrekt is gebaseerd op de loonsom over het aangiftetijdvak januari 2020. Als de loonsom over de maanden maart, april en mei 2020 lager is dan wordt de hoogte van de subsidie verminderd. Een hogere loonsom leidt niet tot verhoging van de subsidie.

b. Geen ontslag aanvragen wegens bedrijfseconomische redenen

Van de werkgever wordt verlangd dat hij vanaf 18 maart 2020 tot en met 31 mei 2020 geen ontslag wegens bedrijfseconomische redenen aanvraagt voor zijn werknemers gedurende de periode waarover hij de subsidie ontvangt. Dit is echter geen absoluut ontslagverbod. Indien werkgever toch ontslag aanvraagt en deze ontslagaanvraag niet tijdig intrekt dan wordt hij beboet door een lagere subsidie. Het loon van de ontslagen werknemer plus een vermeerdering van 50% wordt in dat geval namelijk in mindering gebracht op de totale loonsom. Werkgevers kunnen een geplande reorganisatie dus gewoon doorvoeren en daarnaast NOW subsidie aanvragen.

c. Werkgever mag subsidie alleen aanwenden voor betaling van het loon.

d. Werkgever is verplicht om OR, personeelsvertegenwoordiging of bij ontbreken daarvan de werknemers te informeren over de subsidieverlening.

e. Werkgever moet de loonaangifte doen op de wettelijk voorgeschreven momenten.

f. De Werkgever moet een zodanig controleerbare administratie beheren dat achteraf gecontroleerd kan worden of een subsidie terecht is verstrekt. Werkgever moet tot vijf jaar na vaststelling van de subsidie inzage in de administratie verlenen.

g. Werkgever moet onverwijld en schriftelijk melding doen bij de Minister indien zich andere omstandigheden voordoen die van belang kunnen zijn voor een beslissing tot wijziging, intrekking of vaststelling van de subsidie.

5. Aanvraag, voorschot en toekenning van de subsidie

Aanvragen voor de NOW subsidie kunnen vermoedelijk al vanaf 6 april 2020 en tot en met 31 mei 2020 door werkgevers bij UWV worden aangevraagd. UWV zal op 3 april 2020 definitief vaststellen of de datum van 6 april 2020 kan worden gehaald. De reden van de omzetdaling hoeft bij de aanvraag niet te worden aangetoond. In de subsidieaanvraag moet in ieder geval de volgende informatie worden verstrekt:

  • indien werkgever na 31 augustus 2019 een aanvraag voor werktijdverkorting heeft aangevraagd, het dossiernummer van de aanvraag.
  • de verwachte omzetdaling uitgedrukt in hele procenten afgerond naar boven.
  • in welke aaneengesloten periode van drie kalendermaanden in de periode van 1 maart 2020 tot en met 31 juli 2020 de werkgever de omzetdaling verwacht.
  • het loonheffingennummer.
  • Het rekeningnummer waarop de werkgever betalingen van de Belastingdienst inzake loonheffingen ontvangt.

De subsidieaanvraag dient elektronisch via www.uwv.nl te worden gedaan.

Sommige werkgevers hebben meerdere loonheffingennummers. Om in aanmerking te komen voor subsidie voor de gehele loonsom zal die werkgever voor elke loonheffingennummer een aparte aanvraag moeten indienen. Werkgever dient wel bij elke aanvraag de omzetdaling aan te geven die hij voor de gehele onderneming verwacht.

De aanvraag wordt helaas niet erg snel afgewikkeld. De Minister besluit uiterlijk binnen 13 weken na ontvangst van de volledige aanvraag tot subsidieverlening. Nadat positief op de aanvraag is beslist zal UWV een voorschot verlenen van 80% van de subsidie zoals deze wordt berekend op basis van de bij de aanvraag geleverde gegevens over de verwachte omzetdaling. De betaling van het voorschot vindt plaats in drie termijnen. In de praktijk zal ernaar worden gestreefd om de betaling van de eerste termijn van het voorschot te laten plaatsvinden binnen 2 tot 4 weken.

Werkgever dient binnen 24 weken na afloop van de door werkgever gekozen meetperiode de vaststelling van de subsidie aan te vragen bij UWV. Daarbij moet werkgever de definitieve gegevens over de omzetdaling in de drie aaneengesloten maanden in de periode maart tot en met 31 juli 2020 verstrekken. In beginsel zal ook een accountantsverklaring moeten worden overgelegd. Er wordt naar gestreefd om binnen vier weken na inwerkintreding van de NOW bekend te maken onder welke grens geen accountantsverklaring nodig is. Binnen 22 weken na de aanvraag zal UWV de definitieve subsidie vaststellen. Werkgever kan tegen de beslissing van UWV in bezwaar en beroep.

Voorbeeld aanvraag en berekening voorschot:
Werkgever heeft in 2019 een omzet van € 1.500.000.
De loonsom bedraagt in januari 2020 € 100.000. De totale loonsom wordt dan 100.000 *3 * 1,3 = € 390.000. Het cijfer 1,3 is de forfaitaire opslag. De subsidie wordt voor drie maanden verleend en daarom wordt met 3 vermenigvuldigd.

Stel de omzet daalt met 50%. Dat leidt tot een verwachte vaststelling van de subsidie van 50% * 90% * 390.000 = € 175.500. Hiervan krijgt de werkgever een voorschot van 0,8 * € 175.500 = € 140.400.

6. Terugvordering

Als op enig moment blijkt dat subsidie ten onrechte of voor een te hoog bedrag is verstrekt dan kan het verstrekte voorschot van de werkgever worden teruggevorderd. Terugvordering is ook mogelijk als werkgever niet aan de verplichtingen heeft voldaan die aan de subsidie zijn verbonden.

Er zal worden gehandhaafd op misbruik en fraude waarbij het OM ook kan overgaan tot strafrechtelijke vervolging.

De NOW zal de komende periode goed gemonitord worden en kan indien nodig worden aangepast. Ook bestaat de kans dat de noodmaatregel met nog eens drie maanden wordt verlengd. Daarover zal vóór 1 juni 2020 worden beslist.

7. Vragen?

Heeft u nog juridische vragen over de NOW of andere onderwerpen die te maken hebben met het corona virus dan kunt u ons kosteloos bellen voor advies.

0 Flares Twitter 0 Facebook 0 LinkedIn 0 0 Flares ×