Transitievergoeding kan worden verlaagd met meer kosten

0 Flares 0 Flares ×

9 september 2020
Bepaalde kosten die een werkgever maakt mogen in mindering worden gebracht op de transitievergoeding die bij ontslag verschuldigd is. Het betreft de gemaakte “transitiekosten” en “inzetbaarheidskosten”. Transitiekosten zijn kosten van maatregelen gericht op het vinden van een andere baan bij (dreigend) ontslag zoals outplacementkosten. Bij inzetbaarheidskosten gaat het om kosten die tijdens het dienstverband zijn gemaakt en die verband houden met het bevorderen van de bredere inzetbaarheid van de werknemer.

Recent zijn de mogelijkheden om de transitievergoeding te verlagen met gemaakte inzetbaarheidskosten verruimd. Tot 1 juli 2020 konden deze kosten alleen in mindering worden gebracht als zij betrekking hadden op activiteiten die de inzetbaarheid van de werknemer vergroten buiten de organisatie. Daarbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan een niet-werkgerelateerde talencursus. Sinds 1 juli 2020 kan de transitievergoeding ook worden verlaagd met kosten die zijn gemaakt voor activiteiten die de inzetbaarheid van de werknemer binnen de organisatie vergroten. Een voorbeeld daarvan is een verkoopmedewerker die van de werkgever een HR-opleiding mag volgen omdat hij in de toekomst een HR functie ambieert.

Gemaakte inzetbaarheidskosten mogen niet in mindering worden gebracht op de transitievergoeding als zij verband houden met reïntegratieverplichtingen van de werkgever (eerste of tweede spoor) of herplaatsing van de werknemer.

De andere geldende voorwaarden voor het verlagen van de transitievergoeding met inzetbaarheidskosten en transitiekosten blijven van kracht. Deze voorwaarden zijn onder andere:

– De werknemer moet vooraf schriftelijk instemmen met het in mindering brengen van de gespecificeerde kosten.
– De kosten moeten in een redelijke verhouding staan tot het doel waarvoor deze kosten zijn gemaakt.
– De kosten moeten door de werkgever zijn gemaakt.

0 Flares Twitter 0 Facebook 0 LinkedIn 0 0 Flares ×